Naar inhoud springen

Josef Beran

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Josef Beran
Josef Beran in 1945
Josef Beran in 1945
Kardinaal van de Rooms-Katholieke Kerk
Wapen kardinaal
Rang kardinaal-priester
Aartsbisdom Praag
Titelkerk Santa Croce in Via Flaminia
Wijdingen gewetensgevangene
Geboortedatum 29 december 1888
Geboorteplaats Pilsen, Oostenrijk-Hongarije
Overlijdensdatum 17 mei 1969
Overlijdensplaats Vlag van Italië Rome, Italië
Creatie
Gecreëerd door Paus Paulus VI
Consistorie 22 februari 1965
Kerkelijke carrière
1911-1946 priester
1946-1969 aartsbisschop van Praag
1965-1969 kardinaal-priester
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Monument voor Josef Beran

Josef Beran (Pilsen, 29 december 1888 - Rome, 17 mei 1969) was kardinaal en aartsbisschop van Praag.

Beran was de oudste van de vier kinderen in het gezin van onderwijzer Josef Beran en Maria Lindauer. Van 1899 tot 1907 studeerde hij aan het kleinseminarie in Pilsen. Hij vervolgde met seminariestudies aan de Pauselijke Universiteit in Rome. In 1911 werd hij priester gewijd en in 1912 promoveerde hij tot doctor in de godgeleerdheid.

Teruggekeerd naar zijn vaderland vervulde hij er opeenvolgende opdrachten:

  • van 1912 tot 1917 priester in een arbeiderswijk in Pilsen,
  • van 1917 tot 1932 directeur van de Zusters van Maria en van het Instituut Sint-Anna in Praag,
  • van 1932 tot 1942 geestelijk directeur aan het seminarie in Praag en leraar aan het Karls College.

In 1936 werd hij huisprelaat van de paus en in 1939 protonotarius apostolicus.

In 1938 zorgde hij voor ruime verspreiding van de pauselijke encycliek Mit Brennender Sorge, die het nazisme veroordeelde. Na de Duitse verovering van Tsjecho-Slowakije werd hij scherp in het oog gehouden. Toen hij begin juni 1942 een mis wilde opdragen ter morele ondersteuning van de landgenoten in Duitse krijgsgevangenschap, werd hij gearresteerd en als 'Nacht und Nebel'-gevangene, zonder proces, in concentratiekampen opgesloten, eerst in Theresienstadt en daarna in Dachau. In dit kamp kreeg hij tyfus en dreigde te sterven. Hij genas echter en het kamp werd op 29 april 1945 bevrijd. Bij zijn terugkeer in Praag verleende president Edvard Beneš hem de hoogste Tsjecho-Slowaakse onderscheidingen.

Hij herstelde volledig en op 4 november 1946 werd hij benoemd tot aartsbisschop van Praag en primaat van Tsjecho-Slowakije. Hij was aanvankelijk bereid zich loyaal op te stellen tegenover het nieuw communistisch regime en in 1948 zong hij zelfs een Te Deum in zijn kathedraal, naar aanleiding van de benoeming van de stalinistische Klement Gottwald tot president. Hetzelfde jaar echter zag hij zich verplicht aan de priesters een verbod op te leggen om de eed van trouw aan het nieuw regime af te leggen. Hij protesteerde tegen de belemmeringen die werden opgelegd aan de vrije uitoefening van de godsdienst en veroordeelde de oprichting van een zogenaamde katholieke organisatie die door de communistische partij werd geleid.

In 1949 werd hij onder huisarrest geplaatst en vervolgens in een schijnproces veroordeeld. Vanaf 1951 werd hij voor de volgende dertien jaar gevangen gehouden op diverse onbekende plaatsen. In 1963 werd hij, na onderhandelingen vanwege de H. Stoel, in vrijheid gesteld, op voorwaarde het bisschopsambt niet uit te oefenen. In februari 1965 kon hij het land voor Rome verlaten, in het kader van onderhandelingen met de Tsjecho-Slowaakse regering, waarbij de katholieke kerk iets meer bewegingsvrijheid kreeg.

Zodra hij in Rome was aangekomen, werd hij door paus Paulus VI tot kardinaal verheven en opgenomen in verschillende kerkelijke instanties. Hij nam ook deel aan de laatste sessie van het Tweede Vaticaans Concilie. Hij overleed aan longkanker.

Zaligverklaring

[bewerken | brontekst bewerken]

In 1998 werd het proces in zaligverklaring van Beran ingeleid. Na afsluiting van de preliminaire onderzoeken, werd hij als 'Dienaar Gods' erkend, in afwachting van verdere onderzoeken.

Na zijn overlijden, werd kardinaal Beran in de crypte van de Sint-Pietersbasiliek in Rome bijgezet. In 2018 werd gevolg gegeven aan zijn laatste wil en op 20 april werd zijn stoffelijk overschot overgebracht naar Praag en bijgezet in de Sint-Vituskathedraal.

In 2009 werd in Praag een monument ter ere van kardinaal Beran opgericht en ingezegend door kardinaal Miloslav Vlk.

Onderscheidingen

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Freedom for a Fighter, in: Time Magazine, 11 Oktober 1963.
  • Josef Beran, in: New Catholic Encyclopedia, 2003.
  • Memorial of Cardinal Josef Beran will be erected in Prague, Bisschoppenconferentie Tsjechië, 14 mei 2009.
  • Larry PETERSON, Czech cardinal who survived Nazi death camp's "clergy barracks" is finally going home, 8 januari 2018.
  • Cardinal Beran's remains to return to Prague on April 20, in: Prague Monitor, 7 maart 2018.
Zie de categorie Josef Beran van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.